Ik speel jazz

Vandaag, terwijl ik naar een (te lange) podcast luisterde van twee jonge feministen die in gesprek waren met Paulien Cornelissen over shit waar vrouwen van deze tijd mee moeten dealen, kreeg ik een totaal ongerelateerde ingeving.

Mijn werk doe ik als een Jazzspeler.

Ik staarde naar Miles terwijl ik luisterde naar een podcast.

Het voelt nu, een paar uur na de ingeving nog steeds als een openbaring. Hoe dat is na een nacht slapen kan ik niet voorspellen, maar ik wil het toch even vastleggen voor mezelf want de ingeving geeft antwoord op een vraag die ik mezelf al heel lang stel: wat ben ik nou eigenlijk aan het doen?

Laat me uitleggen waarom die vraag me, zelfs na vijftien jaar zelfstandig werken, nog altijd bezighoudt. In al die vijftien jaar heb ik hele verschillende dingen gedaan. Van het begeleiden van bloggers tot het maken van een documentaire, van zelf kleine websites bouwen tot projectleider zijn bij het vormgeven van een groot community platform, van verhalen schrijven tot promofilms maken. Als mensen mij vragen wat ik doe (meestal bedoelen mensen dan: waar ik m’n geld mee verdien) dan weet ik nooit zo goed wat ik moet antwoorden. Een aantal variaties heb ik in m’n achterzak waar ik meestal uit kies. Afhankelijk van de context zich ik:

  • Ik ben communicatiefilosoof.
  • Ik ben communicatieadviseur.
  • Ik maak verhalen zichtbaar.

Elk van die omschrijvingen doet voor mijn gevoel geen recht aan wat ik daadwerkelijk doe. Ik ben opgeleid tot communicatiefilosoof, maar ik stel geen ethische vragen aan de mensen die ik interview voor een promofilm. Ik geef mensen communicatieadvies, maar meestal ingebed in de context van een opdracht die helemaal niet over communicatie gaat. Ik maak verhalen zichtbaar, maar ik bewerk ook logo’s als het nodig is.

Iedereen zal worstelen met het beantwoorden van de vraag wat je doet. Geen enkele zin kan vangen wat de diversiteit is van je werk. Toch heb ik het gevoel dat potentiële klanten bij mij extra moeite hebben vat op mij te krijgen. Wat kan ze nou echt? Waarom zou ik haar moeten inhuren?

Dat is waarom de vergelijking met een Jazzspeler resoneert bij mij. Een jazzmuzikant kent het instrument door en door en kan daardoor improviseren in het moment, maar altijd binnen de keiharde grenzen van ritme en toonsoort.

Ineens zag ik dat ik dat ook doe met m’n werk. Met alle kennis en ervaring die ik heb improviseer ik m’n werk, binnen de grenzen die de klant stelt. En die grenzen zijn vaak heel verschillend, waardoor improvisatie de enige constante in mijn werk is.

Of het met dit inzicht makkelijker wordt om aan potentiële klanten uit te leggen wat ik doe betwijfel ik, maar ik heb voor nu even een beter gevoel over mijn werk van de afgelopen jaren, waar nauwelijks een rode draad te vinden is. Maar de volgende keer als iemand mij vraagt wat ik doe voor de kost, zeg ik dat ik communicatiejazzspeler ben. Dat is vast een goede gespreksopener.

Door |2019-09-27T15:22:35+02:0027 september 2019|flow|0 Reacties

Gelezen: de kok, de boerin, haar advocaat en dier verpleegster

Ik heb een heerlijk boek gelezen: De Kok, de boerin, haar advocaat en dier verpleegster – Vrouwen met 50 jaar ervaring, geschreven door Els Quaegebeur. Van de achterflap:

In 2013 interviewde Els Quaegebeur acteur Ellen Vogel. Ze was net 91 geworden en nog altijd met haar werk bezig. Dit bracht Els ertoe te gaan luisteren naar vakvrouwen die carrière maakten in een tijd waarin het feminisme weliswaar aardig op weg was, maar nog lang niet gold als een gegeven.

Veertien vrouwen interviewde Quaegebeur en ik heb van elk interview genoten. Het zijn stuk voor stuk vrouwen die het werkende bestaan voor zichzelf hebben moeten uitvinden, en dat ging dus meestal niet in één rechte lijn. Sommigen zijn bekende namen in Nederland, anderen alleen lokaal. Ik vond het een geruststellende inkijk in de levensloop van vrouwen die best tevreden zijn met waar ze beland zijn. Er is nog hoop voor mij.

Quaegebeur schrijft de verhalen lekker op. Ze weet goed het karakter van de vrouwen te vangen, door soms de manier van communiceren te beschrijven, of de woning, of juist het uiterlijk. De interviews gaan over werk én over leven. Ik houd daar van. Tegelijkertijd gaat het helemaal niet over hoe moeilijk of makkelijk het allemaal was als één van de eerste vrouwen die voltijds werkten. De interviews beschrijven vooral waarom deze vrouwen doen wat ze doen en hoe ze dat doen. En nu nog steeds.

Zowel lezen over de levens van deze veertien vrouwen, als de manier waarop het geschreven is, vond ik inspirerend. Ik raad het iedereen aan.

Door |2019-06-26T17:43:15+02:0026 juni 2019|flow, gelezen, vrouw|0 Reacties