The story we tell ourselves

I came across a very interesting passage in The Storytelling Animal: how stories make us human. It explains the Lake Wobegone Effect, the effect that we think of ourselves as above average when it comes to positive qualities. Like being a good driver (which for a matter of fact I am). In the book the author makes a link to depression.

Depressed people have lost their positive illusions; they rate their personal qualities much more plausibly than average. They are able to see, with terrible clarity, that they are not all that special.

Jonathan Gottschall, The Storytelling Animal: how stories make us human (p.174)

He then refers to psychologist Shelley Taylor, who said that “a healthy mind tells itself flattering lies. And if it does not lie to itself, it is not healthy.”

This is a perspective I hadn’t taken on depression before, but it makes a whole lot of sense. As someone who is on the realistic side of self-assessment I can tell you that it is indeed an unhealthy state to be always doubting your self. It would have really helped me sail through life if I had more self-esteem and a less realistic view on the world.

Because, as the philosopher William Hirstein puts it, positive illusions keep us from yielding to despair:
“The truth is depressing. We are going to die, most likely after illness; all our friends will likewise die; we are tiny insignificant dots on a tiny planet. Perhaps with the advent of broad intelligence and foresight comes the need for…self-deception to keep depression and its consequent lethargy at bay. There needs to be a basic denial of our finitude and insignificance in the larger scene. It takes a certain amount of chutzpah just to get out of bed in the morning.”

Jonathan Gottschall, The Storytelling Animal: how stories make us human (p.174)

Gottschall goes on to describe the role of a psychotherapist as someone who helps you to rewrite your life story. To give you a story you can live with.

A psychotherapist can therefore be seen as a kind of script doctor who helps patients revise their life stories so that they can play the role of protagonist again – suffering and flawed protagonists, to be sure, but protagonists who are moving toward the light.

Jonathan Gottschall, The Storytelling Animal: how stories make us human (p.175)

Spot on.

Excellent read by the way.

Door |2020-05-26T10:45:23+02:0026 mei 2020|flow, gelezen|2 Reacties

Leer weer langzaam denken

Afgelopen dinsdag tijdens Brave New World, stond Margriet Sitskoorn op het podium. Sitskoorn is hoogleraar klinische neuropsychologie en heeft onlangs een nieuw boek gelanceerd, Hersenhack: update je brein. Ze eindigde haar optreden met een boodschap aan iedereen:

leer weer langzaam te denken.

Margriet Sitskoorn tijdens Brave New World

Ze zei dit in de context van het gemiddelde telefoongebruik. Mensen schijnen de telefoon honderden keren per dag op te pakken. Andere mensen dan ik. Deze week zit ik op een gemiddelde van 50 keer per dag en dat is hoog voor mijn doen. Dit gedrag van constant een telefoon oppakken leidt volgens Sitskoorn tot een constante onderbreking van ons denken en dat heeft gevolgen.

We kunnen er natuurlijk wel wat aan doen. Wat me enigszins verraste was dat ze wees op dingen als zet je notificaties uit, lees je e-mail alleen aan het begin en het eind van de dag, niet tussendoor. Ik dacht dat we al tien jaar verder waren in onze omgang met digitale communicatie, maar blijkbaar nog niet.

Na het luisteren naar Sitskoorn’s verhaal constateerde ik dat ik al een tijdje aan het overschakelen ben naar langzamer denken. Ik heb al een tijd geleden besloten Facebook links te laten liggen. Sinds die tijd ben ik intenser gaan bloggen, een vorm die meer aandacht vergt dan een update plaatsen op een sociaal platform.

Ik heb wel nog altijd honger naar nieuwe kennis. Mijn netwerk was er goed in die te voeden met interessante links naar artikelen in bronnen die ik zelf niet zou vinden. Vanaf het moment dat ik me niet meer dagelijks in een online sociaal netwerk onderdompelde miste ik dat. Het duurde even voordat ik een andere vorm had gevonden, maar sinds een maand of twee vind ik de inspiratie in non-fictie boeken. Non-fictie lezen was een activiteit die ik al jaren niet meer ondernam, omdat het me teveel tijd kostte, ik de concentratie niet kon opbrengen en tot meer informatie overload zou leiden in mijn hoofd.

Wat blijkt? De boeken die ik in de afgelopen maanden heb gelezen vond ik veel informerender dan al die losse artikelen die ik vroeger las (en alleen maar omdat ze toevallig voorbij kwamen). In een boek neemt de auteur de tijd om je mee te nemen in een gedachtengang, neemt zijpaden, construeert een theorie. Het vergt inderdaad concentratie en lange adem om een boek te lezen.

Twee vriendinnen vroegen me onlangs hoe het me lukt weer boeken te lezen. Een logische vraag aangezien we alle drie jonge ouders zijn. Ik kan dat nu, omdat:

  1. Dochter me ’s nachts niet meer wakker houdt;
  2. Ik niet meer overladen wordt met input vanuit een groot online netwerk;
  3. De televisie aanzetten een uitzondering en bewuste keuze is;
  4. Ik geen whatsapp gebruiker ben.

Kortom, ik ontvang veel minder berichten gedurende de dag die verwerkingstijd vragen en ik slaap weer voldoende. Ik denk dat dit voor iedereen voorwaarden zijn om langzamer te kunnen denken.

Belangrijk nog om te melden is de tip die ik van Frank kreeg: ook met vijftien minuten per dag kom je verder in een boek. Die tip heeft me in beweging gekregen om aan een eerste boek te beginnen. En wat gebeurd er vervolgens? Ongemerkt lees ik nu zo weer een uur of langer achter elkaar.

Mijn brein wordt weer gevoed. Langzaamaan. Ik kan zeggen dat het best goed voelt. Ik ga het boek van Sitskoorn nog lezen. Wellicht heeft ze nog meer goede ideeën.

Door |2019-11-08T14:16:18+02:008 november 2019|flow, vrouw|2 Reacties
Go to Top